bemoeizuchtig
Uiterlijk
- Geluid: bemoeizuchtig (hulp, bestand)
- IPA: / bəmuj'zʏxtəx / (4 lettergrepen)
- be·moei·zuch·tig
- Afgeleid van bemoeizucht met het achtervoegsel -ig
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | bemoeizuchtig | bemoeizuchtiger | bemoeizuchtigst |
| verbogen | bemoeizuchtige | bemoeizuchtigere | bemoeizuchtigste |
| partitief | bemoeizuchtigs | bemoeizuchtigers | - |
bemoeizuchtig
- (psychologie) tot vervelens toe geneigd zich te bemoeien met andermans zaken
1.
- Het woord bemoeizuchtig staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bemoeizuchtig" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ “Lyonesse: De tuin van Suldrin” (1984), Uitgeverij Meulenhoff
, ISBN 9029015152 - ↑ Arlen Hoebergen“Gemaakt om te lopen” (2014), Elmar (uitgeverij), ISBN 9789038927404
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 13
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -ig in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Psychologie in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %