Naar inhoud springen

bemoeizuchtig

Uit WikiWoordenboek
  • be·moei·zuch·tig
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen bemoeizuchtigbemoeizuchtigerbemoeizuchtigst
verbogen bemoeizuchtigebemoeizuchtigerebemoeizuchtigste
partitief bemoeizuchtigsbemoeizuchtigers-

bemoeizuchtig

  1. (psychologie) tot vervelens toe geneigd zich te bemoeien met andermans zaken
    • Een bemoeizuchtig persoon. 
     Nee, ik zal wel de rol spelen van de bemoeizuchtige Vrouwe Desdea.[1]
     Ik zie aan haar ogen wat ze denkt, ze heeft helemaal geen zin in de bemoeizuchtige Andrea die enthousiast met de oxymeter komt aanzetten.[2]
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. “Lyonesse: De tuin van Suldrin” (1984), Uitgeverij Meulenhoff op Wikipedia, ISBN 9029015152
  2. Arlen Hoebergen
    “Gemaakt om te lopen” (2014), Elmar (uitgeverij), ISBN 9789038927404
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be