bemoedigend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·moe·di·gend
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen bemoedigend bemoedigender bemoedigendst
verbogen bemoedigende bemoedigendere bemoedigendste
partitief bemoedigends bemoedigenders -

Bijvoeglijk naamwoord

bemoedigend

  1. hoopgevend.
    • De toeschouwers hadden bemoedigende spandoeken meegenomen. 
Synoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van: bemoedigen
verbogen vorm: bemoedigende

bemoedigend

  1. onvoltooid deelwoord van bemoedigen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.