beheerst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·heerst
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van beheersen: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
beheersen

beheerst

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beheersen
    • Jij beheerst. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beheersen
    • Hij beheerst. 
  3. (verouderd) gebiedende wijs meervoud van beheersen
    • Beheerst! 
vervoeging van: beheersen…
verbogen vorm: beheerste

beheerst

  1. voltooid deelwoord van beheersen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen beheerst beheerster (beheerstst) *
verbogen beheerste beheerstere (beheerstste) *
partitief beheersts beheersters -

Bijvoeglijk naamwoord

beheerst

  1. zonder uitspatten
    • De beheerste reactie was erg netjes na zo'n zware en directe aanval. 
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving "meest beheerst(e)" worden gebruikt. [1] [2]
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 2 mei 2021 Weblink bron W. Haeseryn e.a. “6.4.3.1.2 Omschrijving van de trappen van vergelijking met meer en meest.” (januari 2019), punt 4 op e-ans.ivdnt.org (Algemene Nederlandse Spraakkunst)
  2. Bronlink geraadpleegd op 2 mei 2021 Weblink bron “Omschreven trappen van vergelijking (algemeen)”, punt 3. op taaladvies.net (Nederlandse Taalunie)
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be