begroef

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·groef

Werkwoord

vervoeging van
begraven

begroef

  1. enkelvoud verleden tijd van begraven
    • Ik begroef. 
    • Jij begroef. 
    • Hij, zij, het begroef. 
     Hij begroef een aantal seconden zijn gezicht in zijn handen.[1]

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Suzanne Vermeer op WikipediaAll-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht, ISBN 90-229-9182-2
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be