begerig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·ge·rig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen begerig begeriger begerigst
verbogen begerige begerigere begerigste
partitief begerigs begerigers -

Bijvoeglijk naamwoord

begerig

  1. vol verlanging iets te verkrijgen waar men vaak geen recht op heeft
    Zij wierpen begerige blikken op het vele geld dat over de toonbank ging.
  2. schade veroorzakend verlangen
    Hij was zo begerig naar de nieuwste computer dat hij zijn vriendinnetje en zijn baan verloor.
Synoniemen
Vertalingen