beeldschoon

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • beeld·schoon
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘zeer mooi’ voor het eerst aangetroffen in 1866 [1]
  • samenstelling van  beeld   en  schoon  
stellend
onverbogen beeldschoon
verbogen beeldschone
partitief beeldschoons

Bijvoeglijk naamwoord

beeldschoon

  1. (intensief) van grote schoonheid, zo prachtig dat het een afbeelding lijkt
    • Er kwam een beeldschone jongedame binnen en de aandacht van velen werd afgeleid van het droge betoog van de spreker. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen