beelddrager

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

dvd
Uitspraak
Woordafbreking
  • beeld·dra·ger
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord beelddrager beelddragers
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

beelddrager m [1]

  1. fysiek medium waarop men een afbeelding kan opslaan
    • „Ik begin met schetsen, in een paar lijntjes is de essentie te vangen. Op een lichtbak werk ik de schetsen uit met een penseel en Oost-Indische inkt. Wat ik maak is vrij grafisch. Mijn boek Inferno was in zwart-wit en leek sterk op houtsneden. Jheronimus heb ik digitaal ingekleurd. Ik ben niet tegen de computer, maar ik hou van concrete beelddragers, van het idee dat er sprake is van een origineel. Een expositie met computerprints heeft iets corrupts, vind ik. Bovendien worden tijdens het tekenen al mijn zintuigen aangesproken, door het gevoel van het papier, de geur van de inkt. Dat roept extra emotie op.”[2] 
  2. een voorbeeld van een visie of een idee
    • Het is voor het eerst dat het CDA erin slaagt een voorzitter van een neutrale organisatie als Artsen zonder Grenzen voor de Tweede Kamer te recruteren. De komst van De Milliano past in het streven van partijvoorzitter Helgers “nieuwe beelddragers van de christen-democratie” uit het moderne maatschappelijk middenveld aan te trekken.[3]  
Hyponiemen
Hyperoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Brenda van Osch 3 oktober 2015
  3. NRC Kees Versteegh 16 september 1997