beduimen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·dui·men
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beduimen
beduimde
beduimd
zwak -d volledig

Werkwoord

beduimen

  1. overgankelijk met de duim aanraken
    • "Ik vraag: waarom die menschen zich aan kunst vergrijpen, waarom ze deze willen kneeden en beduimen als 'n deegje, dat ze bakken tot 'n smakelijk proletarisch-kunst-krenten-brood (...)" [1]
  2. overgankelijk door aanraking besmeuren
    • Deze prent is licht beduimd aan de rand. 
  3. overgankelijk webpagina's van een positieve waardering voorzien (waarbij het symbool van een opgestoken duim wordt gebruikt)
    • Heb je onze oproep al beduimd? 
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Noorden, G. van Over Proletarische Kunst. p. 448; geraadpleegd 2014-05-20