bebouwing

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Oude bebouwing in Enkhuizen.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·bou·wing
Woordherkomst en -opbouw
  • Naamwoord van handeling van bebouwen met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord bebouwing bebouwingen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

bebouwing v

  1. het construeren van een gebouw op een stuk land
    • Het land werd drooggelegd en geschikt gemaakt voor bebouwing. 
  2. de gebouwen op een stuk grond
    • Op rijksniveau wordt in de Nota Ruimte 2006 een paragraaf gewijd aan 'Optimale benutting van de bestaande bebouwing en ruimte voor nieuwbouw'. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.