Naar inhoud springen

batte

Uit WikiWoordenboek
  • bat·te
  •  bat ww  met de uitgang -e
vervoeging van
batten

batte

  1. enkelvoud verleden tijd van batten
    • Ik batte. 
    • Jij batte. 
    • Hij, zij, het batte. 
  2. aanvoegende wijs van batten


vervoeging van
battre

batte

  1. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van battre