barbier

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

uithangbord van de 'barbier'
Uitspraak
Woordafbreking
  • bar·bier
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord barbier barbiers
verkleinwoord barbiertje barbiertjes

Zelfstandig naamwoord

barbier m

  1. (beroep) een herenkapper die ook baarden bijwerkt
    • hij werd barbier en vestigde zich in Sevilla 
    • tot de bevoegdheid van de barbier behoorden zowel medische taken (aderlaten, opereren) als het baardscheren!!! 
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen