baldakijn

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bal·da·kijn
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘troonhemel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1350 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord baldakijn baldakijnen, baldakijns
verkleinwoord baldakijntje baldakijntjes

Zelfstandig naamwoord

baldakijn m

  1. stoffen overdekking als ornament, meestal boven een troon of altaar
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

71 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen