balalaika

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een balalaika.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·la·lai·ka
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Russisch, in de betekenis van ‘snaarinstrument’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1832 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord balalaika balalaika's
verkleinwoord balalaikaatje balalaikaatjes

Zelfstandig naamwoord

balalaika v/m

  1. (muziekinstrument) een driesnarig Russisch tokkelinstrument
Vertalingen

Gangbaarheid

80 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Engels

Zelfstandig naamwoord

balalaika

  1. (muziekinstrument) balalaika


Galicisch

Zelfstandig naamwoord

balalaika

  1. (muziekinstrument) balalaika


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·la·lai·ka

Zelfstandig naamwoord

balalaika m

  1. (muziekinstrument) balalaika
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   balalaika     balalaikaen     balalaikaer     balalaikaene  
genitief   balalaika's     balalaikaens     balalaikaers     balalaikaenes  
Hyperoniemen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·la·lai·ka

Zelfstandig naamwoord

balalaika m

  1. (muziekinstrument) balalaika
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   balalaika     balalaikaen     balalaikaer     balalaikaene  
genitief                
Hyperoniemen


Spaans

enkelvoud meervoud
balalaika balalaikas

Zelfstandig naamwoord

balalaika v

  1. (muziekinstrument) balalaika