bakte brood

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bak·te brood
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
broodbakken

bakte brood

  1. enkelvoud verleden tijd van broodbakken
    • Ik bakte brood. 
    • Jij bakte brood. 
    • Hij, zij, het bakte brood.