badlaken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bad·la·ken
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord badlaken badlakens
verkleinwoord badlakentje badlakentjes

Zelfstandig naamwoord

badlaken o

  1. een erg grote handdoek
    • Een badlaken wordt vaak gebruikt om op te liggen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie