baarmoeder

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
baarmoeder

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • baar·moe·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord baarmoeder baarmoeders
verkleinwoord baarmoedertje baarmoedertjes

Zelfstandig naamwoord

baarmoeder v/m

  1. (medisch), (anatomie) een voortplantingsorgaan van vrouwen waarin de vrucht zich ontwikkelt
    • Een embryo bevindt zich in de baarmoeder. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie