avreiser
Uiterlijk
- av·rei·ser
| Naar frequentie | zeldzaam |
|---|
avreiser
- tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van avreise
avreiser
- nominatief bepaald mannelijk en vrouwelijk enkelvoud van avreise
- av·rei·ser
avreiser
- nominatief bepaald vrouwelijk enkelvoud van avreis
avreiser
- nominatief bepaald vrouwelijk enkelvoud van avreise
Categorieën:
- Woorden in het Noors
- Woorden in het Noors van lengte 8
- Woorden in het Noors met audioweergave
- Woorden in het Noors met IPA-weergave
- Werkwoordsvorm in het Noors
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Woorden in het Nynorsk van lengte 8
- Woorden in het Nynorsk met audioweergave
- Woorden in het Nynorsk met IPA-weergave
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nynorsk