Naar inhoud springen

auditief

Uit WikiWoordenboek
  • au·di·tief
  • afgeleid van auditie met het achtervoegsel -ief
  • afgeleid van het Franse auditif of daarvoor van het Latijnse 'auditivus'
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen auditiefauditieverauditiefst
verbogen auditieveauditievereauditiefste
partitief auditiefsauditievers-

auditief

  1. (medisch) met betrekking tot het gehoor
93 %van de Nederlanders;
97 %van de Vlamingen.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be