atoombommetje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • atoom·bom·me·tje

Zelfstandig naamwoord

atoombommetje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord atoombom