ascend
Uiterlijk
- IPA: /əˈsɛnd/
- Geluid: Audio (VS) (hulp, bestand)
- Via Middelengels ascenden van Oudfrans ascendre (Latijn ascendere)
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to ascend |
| he/she/it | ascends |
| verleden tijd | ascended |
| voltooid deelwoord |
ascended |
| onvoltooid deelwoord |
ascending |
| gebiedende wijs | ascend |
ascend
- onovergankelijk omhoog bewegen, omhooggaan, opgaan [1]
- overgankelijk beklimmen, bestijgen
- onovergankelijk, (maatschappij) in een hogere maatschappelijke positie komen
| vervoeging van |
|---|
| ascendre |
ascend
- derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van ascendre
Categorieën:
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 6
- Woorden in het Engels met IPA-weergave
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Werkwoord in het Engels
- Onovergankelijk werkwoord in het Engels
- Overgankelijk werkwoord in het Engels
- Maatschappij in het Engels
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 6
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Werkwoordsvorm in het Frans