arrowroot

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ar·row·root
enkelvoud meervoud
naamwoord arrowroot -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

arrowroot o

  1. meel van de pijlwortel dat vaak wordt gebruikt als bindmiddel voor voedsel
    Met een papje van arrowroot krijg je deze saus nog best goed.
Vertalingen