aronskelk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • arons·kelk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aronskelk aronskelken
verkleinwoord aronskelkje aronskelkjes

Zelfstandig naamwoord

aronskelk m

  1. een plant van het geslacht Arum
    • Wij zagen gisteren allerlei soorten aronskelken. 
Vertalingen

Gangbaarheid

81 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen