antilopers

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • an·ti·lo·pers

Zelfstandig naamwoord

antilopers, mv

  1. onbepaalde vorm genitief meervoud van antilope


Zweeds

Woordafbreking
  • an·ti·lo·pers

Zelfstandig naamwoord

antilopers

  1. genitief onbepaald meervoud van antilop