angrebet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Woordafbreking
  • an·gre·bet

Werkwoord

angrebet

  1. voltooid deelwoord van angribe

Zelfstandig naamwoord

angrebet, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van angreb