Naar inhoud springen

anekdotes

Uit WikiWoordenboek
  • anek·do·tes

deanekdotesmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord anekdote
     Tijdens hun afscheid in het café in Amersfoort had hij haar op de valreep nog wat anekdotes verteld over ondernemers die hun steun aan zijn site betuigden.[1]
     Nergens in de ordelijke, stofloze archieven van het Europese geheugen werd naar deze wonderlijke plek verwezen, die al jaren het onderwerp van raadselachtige toespelingen en bloedstollende anekdotes was.[2]
95 %van de Nederlanders;
95 %van de Vlamingen.[3]