ammunitie
Uiterlijk
- am·mu·ni·tie
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘schietvoorraad’ voor het eerst aangetroffen in 1576 [1]
- uit het Frans [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ammunitie | ammunitiën |
| verkleinwoord |
de ammunitie v
- benodigdheden om met vuurwapens te kunnen schieten
- Het leger bevoorraadde de troepen met ammunitie en materieel.
- ▸ Socrates en de wetten van Athene Tot nu toe hebben we weinig ammunitie gevonden voor Socrates als de democratische kampioen (het beeld dat Karl Popper van hem heeft) of als de gevaarlijke politieke meeloper van de oligarchie van Izzy Stone.[3]
- Het woord ammunitie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "ammunitie" herkend door:
| 82 % | van de Nederlanders; |
| 68 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "ammunitie" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ ammunitie op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Ineke Sluiter“Socrates” (2016), Amsterdam University Press
, ISBN 9789089646224 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be