amend
Uiterlijk
- Geluid: amend (VK) (hulp, bestand)
- IPA: /əˈmɛnd/
- Van Middelengels amenden van Oudfrans amender
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to amend |
| he/she/it | amends |
| verleden tijd | amended |
| voltooid deelwoord |
amended |
| onvoltooid deelwoord |
amending |
| gebiedende wijs | amend |
amend
- overgankelijk bijstellen, corrigeren, rechtzetten [2], verbeteren [2]
- onovergankelijk beter worden, verbeteren [1]
- overgankelijk, (medisch), (verouderd) beter maken, genezen [3]
- onovergankelijk, (medisch), (verouderd) beter worden, genezen [1]