amaryllis

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Amaryllis plant en bloed
Uitspraak
Woordafbreking
  • ama·ryl·lis
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het modern Latijn, in de betekenis van ‘sierplant’ voor het eerst aangetroffen in 1780 [1]
  • uit het Grieks [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord amaryllis amaryllissen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

amaryllis v/m [3]

  1. narcisachtige sierplant meest bekend is de Amaryllis Belladonna, ze heeft een lange stengel en een paar grote bloemen
    • Het is een kleine, intieme wereld die de Haagse schilder Rudolf de Bruyn Ouboter (1894-1983) in zijn aquarellen heeft weergegeven. Hij maakte weinig portretten, schilderde geen Scheveningse stranden, exotische landschappen of steden, maar volstond met een vogelkooi, schelpen, glaswerk, een tinnen bord, een bosje sprotjes in verkreukeld papier of een enkele azalea of amaryllis tegen de achtergrond van een Japanse prent of een blauwe doek.[4]  
Vertalingen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen