amai

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • amai

Tussenwerpsel

amai

  1. een uitdrukking van teleurstelling of verbazing
    • Amai, wat een rommel! 

Gangbaarheid

58 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.