alvorleg

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·vor·leg
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van het Nynorske zelfstandige naamwoord alvor met het achtervoegsel -leg
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud alvorleg alvorlegare alvorlegast
o enkelvoud alvorleg
meervoud alvorlege
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
alvorlege alvorlegare alvorlegaste

Bijvoeglijk naamwoord

alvorleg

  1. verkeleg, ærleg
  2. farleg, hard, lagnadstung
  3. alvorsam, streng, stø
Synoniemen
Opmerkingen

Bijwoord

alvorleg

  1. ernstig
Opmerkingen