Naar inhoud springen

ajuus

Uit WikiWoordenboek
  • ajuus
  • In de betekenis van ‘tussenwerpsel: groet’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1747 [1] [2]

ajuus [3]

  1. (informeel) een afscheidsgroet
    • Ik ga nu naar huis, ajuus! Ik zie jullie morgen wel. 
85 %van de Nederlanders;
52 %van de Vlamingen.[4]