agnosticus
Uiterlijk
- Geluid: agnosticus (hulp, bestand)
- IPA: / ɑxˈnɔstiˌkʏs / (4 lettergrepen)
- ag·nos·ti·cus
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | agnosticus | agnostici |
| verkleinwoord | agnosticusje | agnosticusjes |
de agnosticus m
- (religie) iemand die ten aanzien van het bovennatuurlijke stelt dat dit niet te kennen valt
- Hij is van agnosticus een fanatiek moslim geworden.
- Het woord agnosticus staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "agnosticus" herkend door:
| 81 % | van de Nederlanders; |
| 85 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -icus in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Religie in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 81 %
- Prevalentie Vlaanderen 85 %