afwasbak

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·was·bak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord afwasbak afwasbakken
verkleinwoord afwasbakje afwasbakjes

Zelfstandig naamwoord

afwasbak m

  1. bak die wordt gebruikt om de afwas mee te doen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.