afslachting

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·slach·ting
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord afslachting afslachtingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

afslachting v

  1. het zinloos vermoorden van mensen op een gruwelijke manier
    • De Commissie heeft de afslachting van de onschuldigen veel te lang getolereerd 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be