afrikaantje
Uiterlijk
- Geluid: afrikaantje (hulp, bestand)
- IPA: / ˌafriˈkaɲcə / (4 lettergrepen)
- afri·kaan·tje
- geoniem, afgeleid van afrikaan zn met het achtervoegsel -tje, naar het vermeende herkomstgebied Afrika [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | (afrikaan) * | (afrikanen) * |
| verkleinwoord | afrikaantje | afrikaantjes |
het afrikaantje o
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord afrikaan, benaming voor planten uit het geslacht Tagetes
- Voor het huis was een bloemperkje met afrikaantjes aangelegd.
- Dit verkleinwoord is de meer gangbare benaming; zie afrikaan voor meer uitgebreide informatie.
- Het woord afrikaantje staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Geoniem in het Nederlands
- Achtervoegsel -tje in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal