afreageren
Uiterlijk
- Geluid: afreageren (hulp, bestand)
- IPA: / ˈɑfrejaˌɣerə(n) / (5 lettergrepen)
- af·re·a·ge·ren
- samenstelling van af bw en reageren ww
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| afreageren |
reageerde af |
afgereageerd |
| zwak -d | volledig | |
afreageren
- het gemoed ontdoen van woede door iets of de volle laag te geven
- Hij kon zich goed afreageren op die boksbal.
- ▸ Ik zie inmiddels sterretjes van ingehouden woede. Ik weet dat ik me niet moet afreageren op Zac. Dit gaat niet om hem. Dit gaat om mij.[1]
- Het woord afreageren staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "afreageren" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ Marion Pauw e.a.“4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 97 %