afnefjaðr

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Oudnoords

Woordafbreking
  • af·nef·jaðr
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van het Oudnoorse zelfstandige naamwoord nefja met het voorvoegsel af- en met het achtervoegsel -aðr.

Bijvoeglijk naamwoord

afnefjaðr

  1. zonder een neus
Verwante begrippen