afluisterschandaaltje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·luis·ter·schan·daal·tje

Zelfstandig naamwoord

afluisterschandaaltje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord afluisterschandaal