afgrazen
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- af·gra·zen
Woordherkomst en -opbouw
- samenstelling van af bw en grazen ww
Werkwoord
afgrazen
stamtijd | ||
---|---|---|
onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
afgrazen |
graasde af |
afgegraasd |
zwak -d | volledig |
- (een wei) helemaal kaal vreten (door een grazer)
- „Stel je een donker gebied voor op 4000 à 5000 meter diepte. De bodem ligt er bezaaid met mangaanknollen. Er groeien geen planten. Er zijn echter wel dieren, die leven van het voedsel dat vanuit de bovenste waterlagen langzaam naar beneden is gezonken. Bijvoorbeeld zeekomkommers, die de zeebodem afgrazen op zoek naar voedsel; maar er groeien ook koralen en sponzen die voedsel uit het water filteren.” [1]
- (figuurlijk) helemaal onderzoeken, helemaal gebruiken
- Online broker DeGiro gaat buiten Europa uitbreiden. Na het afgrazen van alle eurolanden eind dit jaar, overweegt de prijsvechter webdiensten in Australië, Zwitserland en de VS. [2]
Vertalingen
Gangbaarheid
- Het woord afgrazen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek uit 2013 werd "afgrazen" herkend door:
89 % | van de Nederlanders; |
88 % | van de Vlamingen.[3] |
Verwijzingen
- ↑ Reformatorisch Dagblad Bart van den Dikkenberg 04-05-2016 Mijnbouw onder water funest voor zeeleven
- ↑ De Telegraaf THEO BESTEMAN 09 mrt. 2015 DeGiro stapt uit EU
- ↑
Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Figuurlijk in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 89 %
- Prevalentie Vlaanderen 88 %