afgoderij

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·go·de·rij
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord afgoderij afgoderijen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

afgoderij v

  1. de verering van afgoden
    • Een kennis van mij gelooft in afgoderij. 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

90 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen