afgeroomd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·ge·roomd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
afromen

afgeroomd

  1. voltooid deelwoord van afromen

Gangbaarheid