afføringer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·fø·rin·ger
Naar frequentie zeldzaam

Zelfstandig naamwoord

afføringer

  1. nominatief onbepaald gemeenschappelijk geslacht meervoud van afføring