afbakeningetje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·ba·ke·nin·ge·tje

Zelfstandig naamwoord

afbakeningetje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord afbakening