Naar inhoud springen

af te rekenen hebben met

Uit WikiWoordenboek
  • af te re·ke·nen heb·ben met

verbinding van afrekenen, te, hebben  en met

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
af te rekenen hebben met
had af te rekenen met
af te rekenen gehad met
onregelmatig volledig

af te rekenen hebben met

  1. inergatief te kampen hebben met
     Het zuiden van Frankrijk heeft af te rekenen met een reeks misdrijven door daders die zich als clown verkleden.[1]
     Intussen bleef het gewone volk in Vlaanderen toch in de verdrukking leven en had het verder af te rekenen met een egoïstische, franstalige bourgeoisie, die alleen oog had voor haar zakelijke belangen.[2]
  1. De Standaard in:
    Ludo Permentier & Rik Schutz
    Typisch Vlaams. 4000 woorden en uitdrukkingen (2015), Davidsfonds, Leuven, ISBN 9789059086517, af te rekenen hebben met
  2. De Vlamingen in:
    Ludo Permentier & Rik Schutz
    Typisch Vlaams. 4000 woorden en uitdrukkingen (2015), Davidsfonds, Leuven, ISBN 9789059086517, af te rekenen hebben met