adopteren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • adop·te·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
adopteren
adopteerde
geadopteerd
zwak -d volledig

Werkwoord

adopteren

  1. overgankelijk een kind aannemen en verzorgen alsof het iemands eigen kind is
    • Adopteren doet men voornamelijk binnen de eigen familie, maar ook internationale adoptie komt veelvuldig voor. 
  2. voor iets zorgen alsof het van jezelf is
    • De historische vereniging adopteerde verschillende monumenten in de stad en zorgde ervoor dat ze goed onderhouden bleven. 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie