administrare

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Latijn

Uitspraak
  • IPA: /ˌadmɪnɪˈstraːrɛ/
Woordafbreking
  • ad·mi·ni·stra·re
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
infinitief 1e pers. enk.
ind. praes. act.
1e pers. enk.
ind. perf. act.
supinum
ădmĭnĭstrāre ădmĭnĭstro ădmĭnĭstrāvi ădmĭnĭstrātum
eerste vervoeging volledig

Werkwoord

ădmĭnĭstrāre

  1. verzorgen
  2. besturen, leiden, regelen


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
administrar

administrare

  1. eerste persoon enkelvoud toekomende tijd (futuro) van administrar (modo subjuntivo/aanvoegende wijs)
  2. derde persoon enkelvoud toekomende tijd (futuro) van administrar (modo subjuntivo/aanvoegende wijs)