ademhalen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • adem·ha·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ademhalen
haalde adem
ademgehaald
zwak -d volledig

Werkwoord

ademhalen

  1. inergatief door levende wezens inblazen en uitblazen van lucht om zuurstof te krijgen
    • Zijn vader was erg zwaar aan het ademhalen en moest naar het ziekenhuis. 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie