adelen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ade·len
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van adel met het achtervoegsel -en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
adelen
adelde
geadeld
zwak -d volledig

Werkwoord

adelen

  1. overgankelijk in de adelstand verheffen
    • Voor zijn jarenlange inzet werd hij geadeld. 
  2. ergatief het laten besterven van wild
    • Ik heb de patrijs enige tijd laten adelen. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

80 % van de Nederlanders;
67 % van de Vlamingen.

Meer informatie