achteraf

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ach·ter·af
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

achteraf

  1. na afloop
    • Achteraf is makkelijk praten. 
  2. in een afgelegen hoek, ver, alleen
    • De verlegen man stond altijd wat achteraf de wereld te observeren. 
Antoniemen
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl