abortus

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • abor·tus
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘ontijdige geboorte, miskraam’ voor het eerst aangetroffen in 1663 [1]
  • uit het Latijn [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord abortus abortussen
verkleinwoord abortusje abortusjes

Zelfstandig naamwoord

abortus m

  1. (medisch) een opzettelijk afgebroken zwangerschap, abortus provocatus
    • Zij liet een abortus plegen. 
  2. (medisch) een spontane miskraam
    • Een abortus wordt vaak veroorzaakt door ernstige afwijkingen bij de vrucht. 
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen